Een gratis advocaat, of toch niet?

Er kunnen hoge kosten verbonden zijn aan het inschakelen van een advocaat. Om het betaalbaar te houden, kunnen sommige mensen een ‘toevoeging’ te krijgen. De overheid betaalt dan de advocatenkosten.

Het liefst lost iedereen zijn juridische problemen op in goed overleg met de tegenpartij. Soms is het echter onvermijdelijk om een advocaat of mediator in te schakelen. Een advocaat en een mediator moeten natuurlijk betaald worden voor hun werk, maar niet iedereen kan die kosten dragen. Voor mensen met een laag inkomen is er daarom de zogenaamde ‘toevoeging’, ook wel ‘gesubsidieerde rechtsbijstand’ genoemd. De overheid betaalt dan de kosten voor de advocaat of mediator. Er wordt in de volksmond ook wel gezegd dat zij dan ‘pro deo’ werken. In dit artikel wordt uitgelegd hoe de toevoeging precies werkt en wanneer men er recht op heeft. Daarnaast worden de voorgenomen bezuinigingen op de toevoeging besproken.

Verschillende soorten rechtsbijstand

Juridische problemen kunnen in alle vormen voorkomen en ook op allerlei verschillende manieren worden opgelost. Voor verschillende soorten rechtsbijstand is een toevoeging mogelijk. Aan de hand van enkele voorbeelden zal worden uitgelegd in welke gevallen men aanspraak kan maken op een toevoeging.

Stel dat Marieke als zzp’er werkt en getrouwd is. Zij en haar echtgenote kunnen net rondkomen van hun inkomsten. Laatst heeft Marieke een mooie, grote opdracht gekregen, maar achteraf wil de klant niet betalen omdat hij niet tevreden is met het resultaat. Marieke zit met de handen in het haar, want ze loopt hierdoor €2000,- mis terwijl ze dat geld hard nodig heeft. Marieke en haar klant proberen in onderling overleg een goede oplossing te vinden. De gesprekken lopen echter op niets uit. Marieke kan nu verschillende dingen doen. Ten eerste kan zij proberen het gesprek met haar klant voort te zetten met behulp van een mediator. De mediator bemiddelt in het conflict en probeert een oplossing te zoeken waar zowel Marieke als haar klant zich in kan vinden.

Ook kan Marieke juridisch advies vragen aan een advocaat om erachter te komen welke juridische stappen ze het beste kan nemen. Omdat zij een laag inkomen heeft, kan zij een toevoeging krijgen voor een zogenaamd ‘lichte advies toevoeging’ (LAT).

Stel nu dat Marieke en haar echtgenote besluiten te scheiden. Het is verplicht om bij een echtscheiding vertegenwoordigd te worden door een advocaat in de rechtbank. In alle bovenstaande gevallen heeft Marieke recht op een toevoeging voor het werk van de mediator of advocaat.

Een toevoeging is overigens niet hetzelfde als een rechtsbijstandverzekering. Want als Marieke een rechtsbijstandverzekering had afgesloten, dan zou de rechtsbijstandsverzekeraar de advocatenkosten betalen in de gevallen waarvoor zij verzekerd was. Het is dan niet nodig een toevoeging aan te vragen, omdat de advocatenkosten al zijn gedekt door de verzekering.

Voorwaarden voor het recht op toevoeging

Als Marieke besluit gebruik te maken van een advocaat of mediator, kan zij de toevoeging niet zelf aanvragen. De advocaat en de mediator moeten de aanvraag indienen bij de Raad voor de Rechtsbijstand en alle benodigde documenten meesturen. Marieke moet op zoek naar een advocaat of mediator die bereid is op toevoeging te werken. Advocaten en mediators zijn hiertoe namelijk niet verplicht. De Raad voor de Rechtsbijstand bepaalt vervolgens of de toevoeging wordt toegekend. Daarvoor kijkt de Raad voor de Rechtsbijstand ten eerste of iemand voldoende belang bij de toevoeging heeft. Een LAT wordt alleen toegekend als advies wordt gevraagd om een conflict dat draait om minimaal €250,-. Een mediator of een advocaat in de rechtszaal kunnen pas op toevoeging werken als het conflict draait om minimaal €500,. Verder kijkt de Raad voor de Rechtsbijstand naar het soort conflict en het toepasselijke rechtsgebied om te bepalen of iemand voldoende belang heeft bij een toevoeging. Hiervoor gelden allerlei specifieke regels. Voor een toevoeging bij huurkwesties gelden bijvoorbeeld weer andere eisen dan voor echtscheidingskwesties.

Daarnaast kijkt de Raad voor de Rechtsbijstand of iemand wel onder de vereiste inkomens- en vermogensgrens zit. De Raad voor de Rechtsbijstand vraagt daarvoor de inkomens- en vermogensgegevens op bij de Belastingdienst. Er wordt altijd gekeken naar het inkomen van twee jaar eerder. Indien een aanvraag in 2019 plaatsvindt, wordt er dus gekeken naar het inkomen en vermogen van 2017. Voor alleenstaanden ligt de inkomensgrens op €27.300,- en voor gehuwden of samenwonenden op een gezamenlijk inkomen van €38.600,-. In het geval van Marieke wordt dus ook het inkomen van haar echtgenote meegenomen om te kijken of ze in aanmerking komt voor een toevoeging.

De toevoeging dekt nooit de volledige kosten. Mensen die een toevoeging krijgen, moeten in principe nog een eigen bijdrage leveren. Hoe hoog die bijdrage is, is afhankelijk van het exacte inkomen en vermogen en de soort rechtsbijstand die wordt ingeschakeld. Hoe hoger het inkomen en vermogen, hoe hoger de eigen bijdrage. De eigen bijdrage kan variëren van €54,- tot €862,-. Door eerst contact op te nemen met het Juridisch Loket, kan men een korting van €54,- op de eigen bijdrage ontvangen.

Bezuinigingen: de toevoeging in gevaar?

Sander Dekker (Minister voor Rechtsbescherming, VVD) heeft aangekondigd het stelsel voor de gesubsidieerde rechtsbijstand opnieuw te willen vormgeven. Dekker meent dat bezuinigingen hard nodig zijn omdat de kosten uit de klauwen lopen. Uit onderzoek door de Raad voor de Rechtsbijstand blijkt echter dat er al jarenlang steeds minder geld wordt uitgegeven aan toevoegingen. Dekker wil rechters en advocaten een kleinere rol laten spelen en meer door de burgers zelf laten regelen. Het moet minder vanzelfsprekend worden om een toevoeging te krijgen en burgers moeten in eerste instantie proberen zelf hun problemen op te lossen. Daarnaast moet er meer gekeken worden naar de achterliggende oorzaken voor het juridische probleem. Advocaten en rechters delen deze laatste gedachte met Dekker, maar zijn wel bezorgd over de toegang tot de rechtspraak. In de plannen van Dekker is het namelijk pas mogelijk om gesubsidieerde rechtsbijstand te krijgen als een speciaal college uitgebreid heeft gekeken of de zaak echt niet op een andere manier kan worden opgelost. De vrees is dat burgers juridisch machteloos worden en niet langer toegang hebben tot goede rechtshulp. Advocaten en rechters hebben zich daarom kritisch uitgelaten over de plannen van Dekker. Of de plannen uiteindelijk doorgevoerd worden, is nog niet duidelijk. Eerst moet het wetsvoorstel nog langs de Tweede en Eerste Kamer.

Conclusie

In bepaalde gevallen bestaat het recht op toevoeging, maar daar zijn wel voorwaarden aan verbonden. Zo moet men onder de inkomens- en vermogensgrens zitten en voldoende (financieel) belang hebben bij de toevoeging. Ook moet men in principe altijd een eigen bijdrage betalen. Door de voorgenomen bezuinigingen van minister Dekker worden de regels voor toevoeging in de toekomst wellicht aangescherpt. Het lijkt erop dat het dan moeilijker gaat worden om een toevoeging te krijgen en men juridische problemen op andere manieren moet gaan oplossen dan via een gesubsidieerde advocaat of mediator.

Auteur: Jens Brugman