Administratie- en bemiddelingskosten bij kamerhuur

Het is de tijd van het jaar waarin veel nieuwe studenten een woonplek zoeken in hun universiteitsstad. Of je nu eerstejaarsstudent bent of al een tijdje studeert en een grotere kamer zoekt: ondanks de coronacrisis is de kamernood in Nijmegen hoger dan ooit. Nu de vraag zo hoog is, hoeven verhuurders weinig moeite te doen om huurders te vinden. Het ligt op de loer dat verhuurders hun kans schoon zien om wat extra geld af te troggelen van studenten die een kamer zoeken.

Eindelijk een kamer! Maar dan…

Je hebt op alle mogelijke manieren geprobeerd een kamer te bemachtigen: talloze hospiteeravonden -al dan niet online- bezocht, verschillende bemiddelingsbureaus ingeschakeld en een beroep gedaan op je sociale netwerk. Opluchting maakt zich van je meester als je eindelijk een kamer krijgt aangeboden. Daarna volgt een domper, want de kans is groot dat je administratiekosten of bemiddelingskosten moet betalen. Dit zijn allemaal extra kosten die de verhuurder in rekening brengt bij de totstandkoming van het huurcontract. Welke extra kosten mag de verhuurder eigenlijk aan de huurder factureren? Eerst kijken we wat de verhuurder bij het tekenen van de huurovereenkomst door de huurder mag laten betalen. Daarna kijken we naar de situatie waarin een bemiddelaar de huurder en verhuurder bij elkaar heeft gebracht.

Sleutelgeld, administratiekosten en verhuurkosten

De verhuurder probeert bij het tekenen van het huurcontract vaak een slaatje te slaan uit de situatie. Hij weet vaak dat de huurder zo hard op zoek is naar woonruimte, dat deze de gevraagde kosten toch wel betaalt. Hij vraagt bijvoorbeeld sleutelgeld, administratiekosten of verhuurkosten. De wet is op dit punt duidelijk: de verhuurder mag geen geld vragen als dat hem ‘een niet redelijk voordeel’ oplevert. Als de verhuurder ‘sleutelgeld’ vraagt, is dat vrijwel altijd in strijd met de wet. De verhuurder vraagt in dat geval eenvoudigweg geld voor de overdracht van de sleutels. Hier staat geen nuttige tegenprestatie voor de huurder tegenover.

Aan de andere kant moet de verhuurder vaak enige moeite doen om alles rond te krijgen met de huurder. Hij maakt nu eenmaal bepaalde kosten om een huurder in de kamer te krijgen. Hij moet bijvoorbeeld een huurder vinden, eventueel bezichtigingen regelen, een huurcontract opmaken, een opnamestaat van de kamer maken en vergunningen in orde brengen. Vaak proberen verhuurders zoveel mogelijk kostenposten onder te brengen onder de titel ‘administratiekosten’ of ‘verhuurkosten’. Levert de vergoeding van deze kosten ‘een niet redelijk voordeel’ op voor de verhuurder?

Een huurder heeft ooit een zaak aangespannen over de bovenstaande kostenposten. De rechter oordeelde dat veel van de kosten die de verhuurder vroeg, uiteindelijk in diens eigen belang waren. Een verhuurder heeft immers zelf belang bij het vinden van een geschikte huurder, bij het maken van een opnamestaat van de kamer en bij het opstellen van een correct huurcontract. Als de huurder voor deze kosten moet opdraaien, levert dit de verhuurder ‘een niet redelijk voordeel’ op. Dat mag niet.

Uit deze rechtszaak blijkt dat de verhuurder maar een beperkt aantal kostenposten in rekening kan brengen bij de nieuwe huurder.  In deze zaak mocht de verhuurder slechts de kosten voor eenvoudig voorlichtingsmateriaal, de kosten van een naamplaatje en de aanvraag voor een huisvestingsvergunning verwerken in de administratiekosten.

Bemiddelingskosten

Vaak schakelt de verhuurder een bemiddelingsbedrijf of makelaar in om een huurder te vinden. In dat geval gaat de bemiddelaar op zoek naar een geschikte huurder en handelt de bemiddelaar de zaken vaak af in plaats van de verhuurder. Dat scheelt de verhuurder weer werk. Als in je huurcontract de verhuurder niet dezelfde naam heeft als het bedrijf dat je heeft geholpen bij het vinden van de kamer, weet je dat je te maken hebt met een bemiddelaar. De SSH& is bijvoorbeeld geen bemiddelaar, want die treedt zelf op als verhuurder.

Als je een kamer hebt gevonden via de website van de betreffende bemiddelaar, vraagt de bemiddelaar vaak geld bij het tekenen van de huurovereenkomst. Deze kostenposten worden doorgaans ‘bemiddelingskosten’ of ‘bemiddelingscourtage’ genoemd. Soms worden deze kosten ook verhuld onder de algemene noemer ‘administratiekosten’. De bemiddelaar heeft echter ook al geld ontvangen van de verhuurder voor zijn diensten. Dit klinkt onrechtvaardig, want de bemiddelaar krijgt dubbel betaald. De rechter heeft zich een paar jaar geleden over deze praktijk uitgelaten: de bemiddelaar of de verhuurder mag geen bemiddelingskosten in rekening brengen bij de huurder. De bemiddelaar moet het doen met het geld dat hij van de verhuurder ontvangt.

Een website als Kamernet mag overigens wel een vergoeding van de huurder vragen omdat hier technisch gezien geen sprake is van bemiddeling. De huurder en verhuurder treden namelijk rechtstreeks met elkaar in contact.

Wat als je toch administratiekosten of bemiddelingskosten moet betalen?

Kortom, de verhuurder mag slechts bepaalde kostenposten in rekening brengen bij het ondertekenen van de huurovereenkomst. Ook hoeft de huurder niet voor de bemiddelingskosten op te draaien. Toch worden deze kosten in de praktijk vaak in rekening gebracht.

Als je wordt geconfronteerd met te hoge administratiekosten of met bemiddelingskosten en de verhuurder je geen gelijk geeft, kun je tegen een kleine vergoeding je geschil voorleggen aan de Huurcommissie. Als de bemiddelaar moeilijk doet, kun je mogelijk naar een Geschillencommissie of naar de kantonrechter stappen.

Auteur:  Jens Brugman