Het recht op wonen vs. het recht op eigendom; welk recht trekt aan het kortste eind?

Een tekort aan woningen met torenhoge huizenprijzen tot gevolg. Ondertussen is leegstand een blijvend probleem en is kraken verboden. Is anti-kraak een gulde middenweg?

Toen prinses Beatrix in 1980 werd ingehuldigd als Koningin der Nederlanden, heerste al jaren grote onvrede onder jongeren over de woningnood in grote steden. ‘Geen Woning, Geen Kroning’, luidde de wapenkreet van de Amsterdamse krakersbeweging. Hiermee uitten krakers hun ongenoegen over de hoge woningnood, langdurige leegstand en verpaupering van bewoonbare panden. Met de invoering van de anti-kraakwet lijkt de regering de kant van woningeigenaren te hebben gekozen. Toch is kraken de wereld nog niet uit. Wat zijn nu de regels omtrent kraak? 

Een nieuwe wet

Voorheen was kraken legaal indien het gekraakte pand langer dan twaalf maanden niet in gebruik was. Het was dan niet zomaar mogelijk om de krakers weer uit het pand te krijgen. De pandeigenaar kon alleen met een kostbare procedure via de burgerlijk rechter ontruiming vorderen. De politie kwam er slechts aan te pas wanneer de krakers op heterdaad werden betrapt of wanneer zij opzettelijke het pand hadden beschadigd. Paradoxaal genoeg konden krakers zich tegen uitzetting verzetten door de politie in te schakelen. Wanneer de politie officieel had vastgesteld dat het pand werd bewoond door niemand anders dan de krakers, konden zij er niet zomaar worden uitgezet.

Met de invoering van de anti-kraakwet in 2010 is kraken een strafbaar feit geworden. Dit betekent dat krakers kunnen worden veroordeeld tot een maximale gevangenisstraf van één jaar. Deze straf kan hoger uitvallen wanneer sprake is van geweld of een groepsdelict. Daarnaast kunnen eigenaren van een gekraakt pand de krakers door de politie uit het pand laten zetten door aangifte te doen. Dit lijkt voor pandeigenaren een gunstige regeling, maar in de praktijk blijkt het echter niet zo makkelijk. Indien er geen spoed is voor onmiddellijke uitzetting, hebben krakers de gelegenheid om een kort geding aan te spannen. Vanaf het moment van aangifte kan het hierdoor nog acht weken duren voordat de krakers het pand verlaten. Aangezien krakers van deze termijnen misbruik kunnen maken, wordt deze regeling als onprettig ervaren.

Om dit probleem uit de weg te gaan heeft de regering onlangs een nieuw wetsvoorstel aangenomen. Zodra deze wet inwerking is getreden, kan de rechter-commissaris binnen 72 uur besluiten het pand te ontruimen. Krakers kunnen achteraf alsnog beroep aantekenen tegen dit besluit, maar de eigenaar hoeft niet meer acht weken te wachten tot ontruiming.

Voorkomen is beter dan genezen

Eigenaren hebben voor hun pand niet altijd een bestemming op lange termijn. Zowel het gevaar op kraken als langdurige leegstand dat hierdoor ontstaat, is zeer ongewenst. Dit kan worden voorkomen door anti-kraak wonen. Dit is een vorm van tijdelijke verhuur, zonder dat de huurders huurbescherming genieten. De huurders moeten het anti-kraakpand dus verlaten zodra de eigenaar een andere bestemming heeft voor het pand. Daarnaast onderhouden zij het pand en voorkomen zij bovendien dat het pand wordt gekraakt. Daartegenover staat dat de huurders het pand kunnen bewonen tegen lage prijzen. Anti-kraak is dus voordelig voor zowel eigenaar als huurder.

Naast de mogelijkheid tot anti-kraak kunnen gemeenten een leegstandsverordening vaststellen waarmee pandeigenaren worden verplicht leegstand te melden. Hierna bespreken gemeente en eigenaar de plannen en de mogelijkheden van het pand. Mocht dat niet leiden tot het gebruik van het pand, dan kan de gemeente een huurder voordragen. Op deze wijze wordt leegstand ook voorkomen.

Conclusie

Sinds de kroningsrellen is de krakersbeweging veel sympathisanten verloren, maar speelt de woningproblematiek nog altijd een grote rol in de Nederlandse maatschappij. Het recht op een dak boven het hoofd geldt voor iedereen, ook voor krakers. Hiertegenover staat het recht op ongestoord genot van eigendom. Tussen beide uitersten heerst een spanningsveld dat zich uit in grote woningtekorten en leegstand. De anti-kraakwetgeving biedt op papier een werkbare oplossing, maar in de praktijk lijken krakers steeds meer terrein te verliezen.

Auteur: Oscar Bouwens