De Rechtswinkel-vergadering was altijd een feestje!

Dian Lauran was van september 2015 tot november 2016 vrijwilliger bij Rechtswinkel Nijmegen-Oost. Inmiddels is ze familie- en erfrechtadvocaat bij Banning Advocaten. Wij interviewden haar in het voormalig Paleis van Justitie te ‘s-Hertogenbosch, waar Banning Advocaten een van haar drie vestigingen heeft. Wij vroegen haar naar haar studententijd, ervaringen bij Rechtswinkel Nijmegen-Oost en huidige werkzaamheden.

Hoe was jij als student?

Ik was een serieuze student. Ik had vanaf het begin van mijn studie al het gevoel dat ik goede cijfers moest halen. Uiteraard was er naast mijn studie ook tijd voor gezelligheid. Zo waren de vergaderingen van de rechtswinkel bijvoorbeeld super leuk. Ik hield ook wel van gezellige avondjes met studiegenootjes, maar ik ging niet vijf dagen per week alle feesten af. Ik wilde vooral allerlei juridische werkzaamheden uitproberen om erachter te komen wat ik leuk vond. Ik ging daarom vaak liever naar een rechtswinkel-vergadering dan naar een feestje.

Ik heb er nu nog profijt van dat ik tijdens de vakken familie- en erfrecht goed oplette. Ik val nu nog steeds regelmatig terug op de aantekeningen van mijn master. De kennis die ik toen heb opgedaan, heb ik nu dagelijks nodig in mijn praktijk.

Heeft de rechtswinkel jou geholpen met de keuze voor de advocatuur?

Ik merkte meteen dat ik het juridische advies geven echt leuk vind. Als bijkomstigheid kon ik snuffelen aan wat extra rechtsgebieden (red.: huurrecht, arbeidsrecht). Je moest de zaken oppakken van rechtsgebieden die mij op het eerste gezicht erg leuk leken. Uiteindelijk kwam ik erachter dat ik helemaal niks met arbeidsrecht en huurrecht heb, twee rechtsgebieden die wel vaak voorkomen bij de rechtswinkel. Dat die gebieden niet bij mij passen, werd toen bevestigd, wat ik als erg nuttig heb ervaren. Daardoor wist ik duidelijker wat ik niet wilde doen.

Ik heb altijd al een voorliefde voor het familie- en erfrecht gehad. Die voorliefde heeft te maken met de persoonlijke problematiek van cliënten. De familiedynamiek of de dynamiek tussen individuen spreekt mij heel erg aan. Zelf ben ik echt een mensenmens en vind ik het leuk om sociaal bezig te zijn. Het is boeiend om met verschillende persoonlijkheden rekening te moeten houden. Als advocaat moet je dat natuurlijk altijd wel, maar in het familie- en erfrecht ligt de problematiek echt in de persoonlijke levenssfeer. Je probeert cliënten te helpen om er in privé sterker uit te komen. Dat heeft mij altijd heel erg aangesproken.

Ervaar je overlap in de werkzaamheden als advocaat en die van een rechtswinkelier?

Ja, met name bij het uitbrengen van juridisch advies. Er is bijna geen dag in de advocatuur dat je dat niet doet. De adviezen die ik bij de rechtswinkel heb geschreven en de manier waarop je een advies moet opbouwen, komt een-op-een terug in mijn werk. Ook het onderscheiden van hoofd- en bijzaken en het begrijpelijk opschrijven van ingewikkelde informatie zijn vaardigheden waar ik nu nog veel aan heb. Nieuwe cliënten die met een juridisch probleem komen verwachten toch vaak: wat moet ik voor mij zien? Wat zijn mijn mogelijkheden? Wat zijn mijn rechten en plichten? Dat leg je allemaal vast, want als je dat allemaal mondeling gaat uitleggen, wordt het niet goed onthouden.

Daarnaast heb ik geleerd hoe je cliënten ontvangt. Ik heb nu nog veel cliëntcontact in mijn werk. Ik vind het erg belangrijk dat de ontvangst goed is, dat er een beetje een klik is met cliënt. Je moet weten wat er bij de cliënt speelt en hem serieus nemen. Dat was al zo bij de rechtswinkel en dat is in mijn huidige werk nog steeds zo. 

Wat voor cliënten sta jij bij? 

Ik heb momenteel een gemêleerde praktijk: ongeveer 50% erfrecht en 50% personen- en familierecht. Bij personen- en familierecht is het altijd de particulier, maar die particulier kan ook een onderneming hebben. De onderneming draait dan in veel gevallen mee in de echtscheiding. Het zijn overigens niet alleen echtscheidingsprocedures. Het kan ook gaan om problematiek die jaren na de echtscheiding speelt, zoals omgang met kinderen. Daarnaast gebeurt er ook steeds meer met samenlevers die niets tot weinig hebben geregeld omtrent de kinderen of gezamenlijk vermogen. Het heeft eigenlijk allemaal te maken met personen die ooit een relatie hebben gehad en de problematiek daaromtrent. Binnen het erfrecht is de cliëntenkring wat breder: van executeurs tot erfgenamen, en bijvoorbeeld ook onterfde kinderen.

Heb je tips voor rechtswinkeliers wanneer een cliënt met een emotioneel en persoonlijk verhaal komt?

Een praktische tip: altijd een doos tissues binnen handbereik hebben. Daarnaast begint het altijd met goed luisteren, maar vervolgens moet je ook kijken waar de cliënt heen wilt en hoe je daar kan komen. Ik denk dat het belangrijk is om cliënten de handvatten te geven over hoe je eruit kan komen en het bijsturen van bepaalde verwachtingen. Vaak hebben cliënten daar behoefte aan. Als rechtswinkelier doe je dit ook: je analyseert het probleem en dan kijk je of er een oplossing is. Daarbij bepaal je de wensen van de cliënt en de haalbaarheid daarvan. In de kern komt het op hetzelfde neer.

Zijn er nog dingen die je studenten wil meegeven?

Probeer zo veel mogelijk, en doe zoveel mogelijk naast je studie. Zeker tijdens je bachelor, want in je master heb je daar misschien niet zoveel ruimte meer voor. Als je het nu niet doet, doe je het waarschijnlijk nooit meer. En het is een kleine moeite om het in ieder geval te proberen. Je kan altijd nog stoppen. Je doet naast kennis en ervaring ook veel contacten op met toekomstige vakgenoten, dat is ook enorm waardevol. Zo levert de rechtswinkeltijd je ontzettend veel op!

Auteurs: Avalanche Straal, Floris Hutter, Julia Day & Simeon Meelhuijsen